Mensen vragen me weleens, ‘hoe kom je aan je ideeën? Hoe kom je aan inspiratie?’
Bij elke nieuwe ontwerp-opdracht is het weer even zoeken. Dat is natuurlijk ook het leuke ervan. Je weet vooraf niet wát het gaat worden, maar wel dat je niet stopt voordat het goed is. En die spanning houdt het heel leuk.
Wat bij mij altijd goed werkt is door iets totaal anders te doen. Door even op een andere plek te gaan zitten werken. Door een straat door te lopen die je niet kent. Er is voor een ontwerper niets zo ‘dodelijk’ als sleur. De hersenen leggen letterlijk verbindingen en koppelingen. Als je iets vaak doet, wordt je er vanzelf heel goed in. De verbindingen in de hersenen worden groter, andere niet veel gebruikte verbindingen verdwijnen. Als je elke keer hetzelfde pad volgt, kom je op hetzelfde uit. (Het lijkt wel een boeddhistische wijsheid.) En juist in het onverwachte schuilt de meeste creativiteit.
Vroeger, toen ik klein was, leek er aan een dag geen einde te komen. Dat komt omdat je zoveel nieuwe dingen doet en leert en omdat geen dag hetzelfde was. Nu lijken de dagen soms (héél soms) om te vliegen, en dat komt omdat ze soms zo identiek zijn.
Dus als je inspiratie zoekt: doe iets totaal anders!
Schrijf eens met je linker hand (als je rechts bent en vice versa), struin eens door straten die je niet kent, vraag in een restaurant om een verrassingsmenu. Ga naar een willekeurige film in de bioscoop, spreek eens iemand aan die je niet kent… Doe een cursus volksdansen. Koop een hamster. Dan krijg je vanzelf inspiratie… En je dag lijkt veel langer!

Mendelt
Meer inspiratie… Succes met je projecten!